Er bestaan dieren die in de loop van hun ontwikkeling steeds slimmer zijn geworden. Daar gingen weliswaar vele duizenden jaren overheen, maar een aantal dieren maakt zichzelf kansrijker door intelligenter te worden. Maar af en toe is er ook intelligentieverschil binnen de soort te bespeuren. Een mooi voorbeeld hiervan zien we terug bij één van de vele zoogdieren levend op Recreatiepark de Lork: de rode eekhoorn.
De eekhoorn is in onze ogen een grappig beestje dat razendsnel van tak naar tak springt en met het grootste gemak langs bomen op en neer roetsjt. En iedereen weet het: Eekhoorns eten eikels. Het Engelse woord voor eikel is zelfs 'acorn' dat je precies hetzelfde uitspreekt als eekhoorn. En nu eet een eekhoorn wel meer dan enkel eikels en beukennootjes; ook eieren, jonge vogels, dennenappels en allerlei vruchten staan op het menu, toch kennen we hem het beste als eikelverslinder. We weten ook dat eekhoorns bomen planten, als zij vergeten waar zij een eikel in de grond verstopt hebben, om daar te dienen als wintervoorraad. De eikel hoeft eenmaal in de grond, niet meer te doen dan te ontkiemen. Er is echter een aantal eekhoorns dat zichzelf langer de tijd geeft om verloren eikels op te sporen. Zij hebben namelijk ontdekt dat eikels ontkiemen uit het puntje helemaal onderaan. En wat doen nu de slimme eekhoorns (en dus lang niet allemaal)? Zij knagen, voordat ze een eikel begraven, het puntje eraf, met als gevolg dat de eikel in kwestie niet meer kán ontkiemen. Zo heeft de eekhoorn zeeën van tijd om het ding te zoeken, de eikel blijft immers intact. Hoe slim is dat?
Eekhoorns blijven in de winter actief, vandaar dat zij een wintervoorraad aanleggen, maar gaan wel in een soort winterrust (dus geen echte winterslaap waarin ze maanden slapen) waarin ze veel slapen maar af en toe wakker worden om te eten.
De rode eekhoorn dreigde een tijdje lang verdrongen te worden door de grijze eekhoorn, een uit Amerika en Canada overgekomen soort, die een virus bij zich draagt waar hij zelf niet ziek van wordt, maar dat dodelijk is voor onze inheemse rode eekhoorns.
De rode eekhoorn op haar beurt draagt een sinister geheim met zich mee, waar we pas kort geleden achter zijn gekomen.
Het verhaal begint in de Middeleeuwen waar melaatsheid onder de arme bevolking hoogtij vierde en honderdduizenden mensen het leven lieten door deze vreselijke ziekte. Het heeft ons vele jaren gekost om melaatsheid te bannen; groepen mensen die het hadden werden naar verlaten landstreken gebracht waar zij, zonder contact met andere mensen, hun lot konden afwachten. Een aantal Derde Wereldlanden kent nog steeds deze ziekte en thans heet het lepra, overgebracht door de leprabacterie. En lang hebben we vermoed dat deze bacterie ook wel eens door mensapen gedragen zou kunnen worden. Hoe konden we vermoeden dat juist de rode eekhoorn, onze dartele eikelbijter, onze kiene overwinteraar; dat juist hij de drager zou zijn, waarschijnlijk reeds sinds de Middeleeuwen, van deze verwoestende bacterie? Edoch: het is zo. Rode eekhoorns dragen deze bacterie met zich mee.
En ik snap ook wel dat de kans klein is dat u in rechtstreeks contact komt met een eekhoorn. Een aantal van ons heeft een eikel en toegegeven: een aantal van ons ís zelfs een eikel (vaak te vinden op leidinggevende posities) maar dat zijn toch niet de voedselbronnen waar onze rode eekhoorn op uit is.
Toch geeft het ergens wel te denken: niets in de natuur is wat het lijkt. Het is waarlijk tijd om die natuur eens met andere ogen te gaan bezien, wijs als de slimme eekhoorns. Op dit moment ligt er een nieuwe generatie eekhoorns aan de moederborst, daar de winter het eerste nest geeft. De tijd zal leren of dit een generatie slimme eekhoorns is of dat zij weer volop bomen aan zal planten. Diezelfde tijd zal leren hoe slim wij zijn. Of we nog steeds met lede ogen gaan aanzien dat er dunne bomen worden gerooid op de Lork, waarin de eekhoorns weliswaar niet nestelen, maar die zij wel als zogeheten brugbomen gebruiken; bomen die ze tijdens hun sprongen gebruiken om bij de dikke (nest)bomen te komen. De tijd zal leren of wij verbanden gaan zien, beseffen dat alles op Recreatiepark de Lork met elkaar verbonden is. Het is eigenlijk heel eenvoudig: waar een nieuwe boom ontspruit, heeft een eekhoorn niet goed opgelet. Waar een bestaande boom (hoe dik of dun ook) verdwijnt, ligt de bal bij ons. Weet u? We hoeven niet perse slimmer te zijn dan de slimme eekhoorns, maar gelijke tred houden zou toch wel bijzonder prettig zijn.
Reactie plaatsen
Reacties