De bonte vliegenvanger

Gepubliceerd op 14 december 2025 om 12:37

Er zijn vogels op Recreatiepark de Lork die we niet elke dag zien. Deels omdat ze een verborgen bestaan leiden en deels ook omdat ze in het koude seizoen niet hier zijn. Een dergelijke trekvogel die geen alledaagse verschijning op Recreatiepark de Lork is, kwam als bij toverslag in de lente toch voor de lens: de bonte vliegenvanger. Dit is een vrouwtje, het mannetje is veel donkerder.

Bonte vliegenvangers jagen op veel meer insecten dan enkel op vliegen; ook libellen, vlinders, muggen en sprinkhanen staan op het menu. Deze zijn allemaal wel aanwezig op de Lork, maar toch staan de vogels qua voedsel voor een probleem en dit heeft alles te maken met de klimaatsverandering. Bonte vliegenvangers overwinteren in Oost-Afrika en normaliter zijn zij zo rond juni terug in ons land. Rond die tijd is de zogeheten rupsenpiek. Rupsen zijn dan massaal uit hun eitjes gekomen en de jongen van de bonte vliegenvanger worden vrijwel uitsluitend gevoerd met rupsen. Door de opwarming van de Aarde echter komen de rupsen steeds eerder uit en verschuift de piek naar voren, naar de maand mei. En dan zijn de bonte vliegenvangers vaak nog niet terug uit Afrika. Als ze eenmaal arriveren hebben de vogels minder tijd om nesten te bouwen, minder tijd om een mannetje te vinden waardoor zij met mindere mannetjes (niet de beste zangers) genoegen moeten nemen. Minder nesten en slechtere broedsels leiden tot de achteruitgang van de soort. Geen goede ontwikkeling!

Niet getreurd echter: De bonte vliegenvanger blijkt niet voor één gat te vangen en past zich razendsnel aan. Allereerst blijkt dat de vogels steeds vroeger naar ons land terugkeren. De vogels die vervolgens in mei uit het ei komen, houden dit ritme aan. Zij trekken liever eind juli dan half oktober naar Afrika en komen dus eerder ook weer terug. Zo pakken zij toch de rupsenpiek mee. De vogels die zich niet zo snel aanpassen veranderen ook van tactiek. Zij keren niet terug naar loofbossen (waarin de grootste concentratie rupsen voorkomt) maar zoeken juist gemengde bossen (of chaletparken met loof- en naaldbomen) op. Daar zijn niet zoveel rupsen, maar wel veel vliegen en kevers en die worden ook met smaak verorberd en aan de jongen gevoerd.

Het is heel hoopvol om te zien, terwijl de opwarming van de aarde dieren noopt om zich aan te passen, dat een aantal soorten dus ook die flexibiliteit heeft. En ook wij kunnen helpen! Bonte vliegenvangers nestelen het liefst in nestkasten, maar vaak worden deze ingepikt door de (grotere en sterkere) koolmezen. Niet zelden worden vliegenvangers zelfs gedood door koolmezen. Hoe meer nestkasten er echter zijn, des te minder concurrentie is er. Het zou toch fantastisch zijn als we deze mooie vogel zouden kunnen behouden voor Recreatiepark de Lork? Wat overigens ook helpt zijn dode holle bomen die niet meteen weg worden gehaald, maar die mogen blijven staan. Uiteraard zijn er bomen die een valgevaar kunnen vormen voor de bezoekers en bewoners van het park. Maar bomen die sterven en die ergens achteraf staan; laat ze gewoon staan. Veel vogels vinden ze heerlijk als broedboom of als overnachtingsplek. Zo ook de bonte vliegenvanger.

Aangezien de meeste bonte vliegenvangers zich in het oosten van ons land bevinden is het wel fraai dat deze vogel juist Recreatiepark de Lork gekozen heeft om te verschijnen en hopelijk ook te broeden. Het bomenbestand van dit chaletpark is heel divers en kent zowel naald- als loofbomen. Als het parkbeheer nu ook nog oog heeft voor dode holle bomen en/ of nestkasten op wil hangen, dan maakt de bonte vliegenvanger een kans op ons fraaie Recreatiepark. Ik vind dat we haar die kans moeten gunnen, u toch ook?

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.